Een lach maakt een wereld van verschil

Vandaag heb ik samen met James, een mede-vrijwilliger, een dagdienst in Kara Tepe, een vluchtelingenkamp waar kwetsbare vluchtelingen zoals vrouwen, kinderen en ouderen verblijven. Gelijk bij binnenkomst hangt er al een hele andere sfeer dan ik gewend ben in Kamp Moria. Er is geen prikkeldraad of hoge muren maar ik zie kinderen die aan het spelen zijn, kleurrijke cabines, speeltoestellen en zitzakken. James en ik installeren ons in de medische cabine en krijgen al snel gezelschap van een vriendelijke Syrische vrouw uit Aleppo die voor ons zal vertalen.

Onze eerste patiënten zijn drie kleine kinderen die onze cabine overnemen: zij zijn de dokter en wij de patiënten. Ik krijg de diagnose: “Very, very sick”, nadat ze met een stethoscoop naar mijn hart hebben geluisterd. James krijgt als medicijn een klap op zijn wang toegediend. Het is heerlijk om even iets anders te doen.

Dan komt er een Syrische vrouw binnen met twee kinderen. Ze vertelt dat ze pas een dag in het kamp zijn en ik bedenk me dat toen ik een vrije dag had, deze vrouw samen met haar twee kinderen de oversteek waagde vanuit Turkije. Het jongetje heeft behoorlijk eczeem en krijgt wat zalf mee. Het meisje heeft een ander probleem: haaruitval! Ze heeft grote kale plekken verborgen onder haar verder dikke bos haar. Terwijl moeder vertelt hoe de haaruitval is begonnen met de bombardementen en dat ze sinds die tijd ook heel erge nachtmerries heeft, kijkt het meisje naar mij met haar donkere kijkers en een scheef lachje aan.

Als medici kunnen we hier niet veel aan doen, de stress zal misschien wat afnemen nu ze op Lesbos is aangekomen. Maar waarschijnlijk zal andere stress er voor in de plaats komen.
We adviseren moeder om het meisje aan te moedigen om met haar en de vrijwilligers er over te praten en ook om haar te laten spelen met andere kinderen. Verder kunnen wij op dit moment niets voor haar doen. Ze is nog maar acht jaar oud, ik vraag me af hoe het over een jaar met haar zal gaan.

Later die dag komen er twee vrouwen langs de cabine die gezwommen hebben in zee en beide in zee-egels zijn gestapt. Hangend boven een paar voeten en gewapend met een spuit lidocaïne, naalden en een scalpel, zijn James en ik meer dan een uur bezig om alle stekels te verwijderen.

Mijn vaardigheden als ‘zee-egel stekel verwijderaar’ komen de volgende dag in kamp Moria opnieuw van pas. Samen met Marike (een huisarts uit Nederland) hebben we heel wat stekels uit de voeten van een nogal kleinzerige Syrische jongen gehaald. Hij schreeuwt bijna het hele kamp bij elkaar, maar moet er zelf ook wel een beetje om lachen. Als het achter de rug is filmt hij vol trots zijn voet om het aan zijn moeder te laten zien. Ook ik moet op het filmpje. Ik vertel zijn moeder dat hij heel dapper was en niet gehuild heeft, waarop de jongen weer in lachen uitbarst.

Zo wisselen de verhalen zich hier af. Soms schrijnend, wrang, verdrietig en uitzichtloos. Maar soms ook hoopvol, vol veerkrachtige mensen, positiviteit en een lach. Ik hoop en wens dat het laatste hier zal toenemen hier op Lesbos en het eerste steeds meer zal verdwijnen.

Tekst: Natasja Arens
Foto: Bas Bakkenes