Athene – Wanhoop

De toestand voor de duizenden vluchtelingen in Griekenland wordt met de dag nijpender. Sinds Macedonie ongeveer een week geleden besloot dat het geen Afghanen meer zal doorlaten bij de grens, is de weg van Athene naar Idomeni bij de grensovergang volgelopen met bussen vol vluchtelingen van alle nationaliteiten. Want niet alleen worden Afghanen niet meer doorgelaten, voor vluchtelingen uit Syrie en Irak gelden striktere regels wat betreft de documenten die nodig zijn om de grens te passeren. Het weer is de laatste dagen zeer slecht, zware regenval en er is geen opvangcapaciteit.

De laatste dagen betekent dit dat van de tienduizenden die bij de grens en onderweg daar naar toe zijn, slechts een paar honderd de grens hebben kunnen oversteken.
Op dit moment vertrekken er op gezag van de Griekse overheid geen ferryboten van de eilanden meer naar Piraeus (Athene). Duizenden nieuw aangekomen vluchtelingen op de eilanden zitten nu op de ferryboten die niet uitvaren. De opvangkampen op de eilanden zijn vol.
De laatste ferry is vanochtend aangekomen. Nog eens 600 vluchtelingen stranden in Piraeus (haven Athene) waar al ruim 1700 mensen in de aankomsthallen vast zitten. Er is een groot gebrek aan voedsel en drinken en medicijnen en alles wat daar tussen ligt.

In Athene wordt de toestand steeds hopelozer. Het Victoria Plein is meer dan vol. Veel families met kleine kinderen zijn gedwongen op het plein te blijven wachten, want vanuit Athene gaan er geen bussen meer naar de grens.

Twee dagen geleden zijn 2 Pakistaanse jongeren op het overvolle plein er in geslaagd twee stroppen in een boom te hangen en zichzelf op te hangen. Ze zijn op tijd gered, maar waren wel bewusteloos. Ook onze mensen waren op dat moment op het plein om noodhulp te verlenen. Wat een heftige ervaring! Na onderzocht te zijn in het ziekenhuis zijn de 2 jongens weer teruggebracht naar het plein, zonder enige psychologische hulp moeten zij letterlijk zien te overleven in deze puinhoop…
In de ochtend en avond zijn er de afgelopen dagen bussen bij het plein gekomen onder politiebegeleiding die de mensen dwingen om in te stappen. Daarbij wordt er nauwelijks op gelet of een familie of een groep uit een bepaald dorp of stad (die vaak uit 20-30 mensen bestaat) bij elkaar blijven. De bussen rijden vervolgens naar verschillende locaties ver buiten Athene. Gezinnen en families raken elkaar zo kwijt. Gevolg: wanhopige families.

Zelf heb ik begin deze week diverse vluchtelingen uit Syrie kunnen verenigen met hun familie. Drie hiervan waren nierpatienten en zijn na aankomst ’s avonds laat in Piraeus direct naar het ziekenhuis gebracht voor dialyse. We zijn dankbaar dat die mogelijkheid er is. Toen zij in de ochtend terugkwamen was de hele aankomsthal leeg. Alle mensen waren diezelfde nacht met bussen ergens in Athene gebracht. Deze 3 vluchtelingen wisten niet waarheen en hun familie had geen telefoon, dus geen communicatie. Gelukkig voor hen gebeurde dit begin deze week, toen de toestand nog niet zo nijpend was. Na lang rondbellen is de familie gevonden en kon ik ze met hun familie herenigen. Als dit niet op tijd was gebeurd was de kans groot geweest dat de familie gedwongen het kamp had moeten verlaten en dat ze elkaar niet meer hadden kunnen vinden (een van hen was moeder van 2 jonge kinderen).

Gistermiddag is een vertegenwoordiger van de gemeente komen vertellen aan alle hulporganisaties die aktief zijn op Viktoria plein dat er vanaf vandaag niets meer mag worden uitgedeeld op het plein: geen eten en drinken, geen dekens, geen babyvoeding of luiers of wat dan ook. Er is een kordon van politie om het plein gelegd. Na veel onderhandelen mogen we nu toch onder strikte voorwaarden noodhulp geven.

Vanmiddag nog een shift op Victoria Square en dan met de onuitwisbare ervaringen en diepe indrukken van de voorbije maand weer naar huis…
Door Herma van den Brink

Help ons helpen! Doneer op www.bootvluchteling.nl

Wachten op het plein

Lesbos – Bootlanding

Zef ging met Stichting Bootvluchteling naar Lesbos.

Hieronder een klein stuk uit zijn reisverslag.

“Om 5 uur op zaterdag start mijn eerste dag. We rijden langs de kust en zien een flauw lampje in zee. Een lifeguard gaat het water in en komt terug met een leeg reddingsvest. We rijden verder. Al snel ziet een andere organisatie door een nachtkijker een boot! Met zaklampen, autolampen en een lichtfakkel geven we aan waar we de boot willen laten landen. Wanneer de boot tien meter van de kust is barsten de vrijwilligers in applaus uit. Op de boot ontstaat vreugde. Deze mensen gaan niet verdrinken, ze gaan het zwaar krijgen, moeten misschien terug. Maar ze gaan vandaag niet verdrinken. We delen droge kleren en water uit. Ik krijg knuffels, bedankjes in het Engels en Arabisch. Mensen huilen en lachen. Bellen naar huis. Na afloop haal ik diep adem. Wauw.

Inmiddels is het licht en schijnt de zon. Plots zien we overal boten. Frontex onderschept er 3. Mooi, die mensen zijn veilig. De Turkse kustwacht komt te laat bij andere boten. Ik ben blij. De afgelopen dagen hebben zij boten bestookt met waterkanonnen en we horen verhalen van mishandeling en afpersing. Er landen 2 boten. Ik sta met een gehandicapt jongetje op het strand. Op zoek naar zijn vader. Opeens gaan zijn ogen dicht. ‘Buddy, you ok?’ vraag ik en schud hem zachtjes. Niks. ‘Medic!’ roep ik. Een Nederlandse ambulance broeder komt naar me toe. Hij heeft een hartslag. Zijn reddingsvest, wat een 90% kans heeft om gemaakt te zijn van water absorberend materiaal, moet uit. Na een paar spannende momenten gaan zijn ogen weer open. Ik geef het ventje een knuffel en vind zijn vader. Er landen vandaag 5 boten. De laatste boot is compleet overstuur. De Griekse kustwacht kwam met grote snelheid en toeterend op ze af. Nergens voor nodig. Een zwangere vrouw huilt hard. ‘’Baby!’’ roept ze. We brengen haar meteen naar onze medische bus. Gelukkig is er een gepensioneerd gynaecoloog aanwezig. Alles gaat goed met haar baby. Om 13:00 zit onze shift erop. Lunchen en dan naar de opslag. Kleren halen en die uitdelen in de haven.”

Athene – Dankbare taak

“Vandaag was ik op het juiste moment op de juiste plek”
Jojanneke is 1 van de bestuursleden van Stichting Bootvluchteling. Kort geleden ging zij naar Athene en Lesbos.

“Ik ben een paar dagen bij ons team in Athene. Mijn eerste taak? Hygiënepakketjes uitdelen in de bus naar Macedonië. Vluchtelingen komen vanaf de Griekse eilanden met ferry’s naar Athene en reizen van daaruit zo snel ze kunnen door. Meestal met de bus via Macedonië verder Europa in. Als we de bus in mogen krijgt elke passagier van ons een klein pakketje. Tandenborstel en tandpasta, een zeepje, schone sokken, een snack en wat te drinken; dat werk. De kinderen krijgen een tasje waar ook wat speelgoed in zit. Voor baby’s zijn er luiertasjes. De vrouwen schuiven we discreet een klein zakje toe met daarin een schone onderbroek. Daarin zit nog discreter wat maandverband gevouwen.

Het is een dankbare taak. Iedereen is blij met de tasjes. We maken oogcontact, glimlachen naar elkaar, wensen elkaar het beste. Halverwege de bus vouw ik een vrouw haar zakje in de hand. Ze kijkt vermoeid, ogen op haar knieën gericht. Het lijkt me ineens ongemakkelijk, als een wildvreemde in een blauwe bedrijfspolo je van een schone onderbroek moet voorzien. Haar man zit naast haar. Zijn ogen vertellen me dat hij goed begrepen heeft wat er in het zakje zit. En dat het nodig was. We kijken elkaar aan en voeren zonder woorden een gesprek. Ik loop door, maak een grappig gezicht voor een huilende peuter, denk aan de enorme la met onderbroeken in mijn slaapkamer thuis en pink ongezien een klein traantje weg. Vandaag was ik op het juiste moment op de juiste plek. En dat mag best goed voelen.

Afgelopen week was ik op werkbezoek op Lesbos en in Athene. Vind jij het ook zo belangrijk dat we vluchtelingen in Griekenland helpen met basisbehoeften? Je kunt het werk van Stichting Bootvluchteling op allerlei manieren steunen. Check www.bootvluchteling.nl!”

Wil je financieel steunen? Klik dan hier!

Lesbos – Medisch team

14 jaar oud, gewond geraakt door een bombardement waardoor je niet meer kan lopen. Samen met je moeder en broertjes en zus waag je de gevaarlijke overtocht en kom je aan op Lesbos. Daar vangen Petra en Marjolein van Stichting Bootvluchteling je op. Hieronder hun verhaal:

’s Morgens vroeg op Lesbos. Het is nog helemaal donker. De wind is na een aantal dagen weer gaan liggen en de golven zijn weer rustig. Het weer is rustig en we verwachten deze morgen weer bootjes. In de verte zien we een boot aankomen. Snel rijden we er heen met de medische bus. Kinderen worden uit de boot getild. Mannen stappen uit. Opeens horen we geroep: “doctor, doctor”. Snel haasten we ons naar de boot en springen erin. Daar zien we je liggen, een meisje van 14 jaar oud. Rillend van de kou lig je op de bodem van de boot, midden in een plas met water. Hijgend kijk je om je heen naar iemand die je kan helpen. We zien de angst in je ogen. Snel doen we een eerste medische check.
Daarna wordt je uit de boot getild en op het strand gelegd. We wikkelen een paar dekens om je heen om je op te warmen. Je oom probeert ons duidelijk te maken dat je niet kan lopen, om dat je gewond bent geraakt bij een bombardement in Syrië. Omdat je door en door nat bent en we niet precies weten wat er aan de hand is, besluiten we je in onze medische post verder te onderzoeken omdat het daar warm en droog is.

Pas daar zien en horen we echt welke ellende je meegemaakt hebt. We zien de wonden op je rug en benen die verzorging nodig hebben. Een vertaler vertelt ons stukjes van jouw verhaal. 2 jaar geleden ben je gewond geraakt door een bomscherf in je rug. Sinds die tijd kan je niet meer lopen want de dokters in Syrië konden niets meer voor je doen. Je vader is overleden tijdens een bombardement. Nu reis je met je moeder en 4 broertjes en 1 zus samen met je opa en oma naar Europa, op zoek naar een plaats waar het veilig is. Een broer van je moeder is meegekomen en probeert jullie zoveel mogelijk te helpen.

We geven je wat water en dextro en gaan op zoek naar spullen om je te helpen. Na een paar minuten in de bus zien we een glimlach op je gezicht. Met vrolijke ogen kijk je ons aan. Opgelucht kijken we elkaar aan. Langzaam begin je iets bij te komen van de overtocht. Veel tijd hebben we niet, want de bus naar Moria (registratiekamp) staat te wachten. Snel schrijven we een brief dat je medische zorg nodig hebt en een plaats om uit te rusten van de overtocht. Je wordt in de bus getild en we kijken je na. Gedachten spoken door ons hoofd. Wat zal er verder met je gebeuren? Wie gaat er verder voor je zorgen? Hoe moet je verder reizen door Europa? Met een hart vol zorgen laten we je gaan… op weg naar een onbekende toekomst.
Wat zijn we blij als we je die middag terug zien bij het Silverbay Hotel (hotel waar kwetsbare vluchtelingen worden opgevangen). Hier heb je een plekje gekregen waar je kunt uitrusten. Met een grote glimlach op je gezicht zit je in de rolstoel die je hebt gekregen. Je hebt nieuwe, warme kleding aan. Je bent naar het ziekenhuis geweest voor behandeling van je wonden en hebt de spullen gekregen die je nodig hebt. Met stralende ogen kijk je ons aan en we maken een praatje met je. We horen dat je ons nog herkent van ’s morgens op het strand. We gaan met je op de foto en praten nog wat.

Wat zijn we dankbaar dat we je nog een keer mochten ontmoeten! Dankbaar, omdat je er nu zoveel beter uitziet dan vanmorgen. Dankbaar, omdat je de zorg hebt gekregen die je nodig had. Dankbaar, omdat er nu een grote glimlach op je gezicht staat en omdat je ogen weer stralen. Dankbaar, omdat wij jou op je reis een heel klein beetje mochten helpen.

Lesbos – Mass Casualty Incident Drill

Gisteren hebben we een grote oefening gedaan aan de noordkust voor het opvangen van een grote ramp. Een ‘drill’ voor een ‘Mass Casualty Incident’.
Dit plan is door BRF (Boat Refugee Foundation/Stichting Bootvluchteling) geïnitieerd na 28 oktober 2015. Op die dag ging er een boot om met 200 mensen, waardoor wij vele drenkelingen hebben gereanimeerd en deels gestabiliseerd in de haven van Molivos.

De dag na deze ramp begon ik, als medisch coordinator, op aan elkaar geplakte A4tjes de haven te tekenen om met de vrijwilligers door te nemen wat waar het beste kon gebeuren in het geval van ‘herhaling’. Omdat we voorbereid wilden zijn op een nieuwe ramp, werd hier uiteindelijk een rampenplan uit geboren. Een plan met een simpele en duidelijke structuur, die zo’n chaotische situatie in goede banen kan leiden. Dit plan is ontstaan in samenwerking met de andere medische groepen (Israaid, SCM, WAHA, MSF, disaster medics en adventist help) en met de lokale vrijwilligersgroep Starfisch. Het is echt bijzonder dat zoveel verschillende partijen door hun kennis en ervaring te delen tot iets groots kunnen komen.
De afgelopen maanden hebben we dit plan steeds gedeeld met de nieuwe vrijwilligers door elke maandag een presentatie te geven. De medisch coordinatoren (Manuel, Pieter, Michel en Ingrid) die hier intussen zijn geweest hebben het plan verder uitgewerkt en geperfectioneerd.

Maar nu stond dan eindelijk ook de echte oefening op het programma!
De ‘drill’ was natuurlijk spannend. Zowel voor de ‘patienten’ (onze vrijwilligers en ook reanimatiepoppen, compleet met life-vests en zeer goed acteerwerk) als voor de medici en vrijwilligers. In totaal waren er wel 70 mensen van verschillende organisaties op de been.

Ik was zelf nogal zenuwachtig, omdat ik in mijn tijd hier de algemeen medisch coordinator van de hele medische scene ben, en dus eindverantwoordelijk voor de hele organisatie en evaluatie van de ‘ramp’.

Alle vrijwilligers hebben zich enorm ingezet, en het liep eigenlijk behoorlijk goed. Van wat niet goed liep hebben we weer veel kunnen leren.
Natuurlijk hopen we dat we dit niet meer in de praktijk hoeven te brengen, maar als het wel zo is, dan is de noordkust van Lesbos goed voorbereid! Klaar om levens te redden.
Dat dat helaas nog nodig zal zijn vermoeden we als we door onze verrekijkers turen tijdens al die uren dat we op wacht staan.

Door onze kijkers zien we vluchtelingen in bootjes stappen aan de Turkse kust. Maar we zien ook aggressieve acties van de Turkse kustwacht: met waterstralen en door het fysiek hinderen van boten dwingen ze de bootjes terug te keren. De vluchtelingen worden gearresteerd, de bootjes verbrand. Als bootjes door deze bariere weten te breken worden ze in Griekse wateren opgepikt door Frontex, de Griekse kustwacht en door o.a. onze lifeguard boten. Deze brengen mensen naar de haventjes van Skala Sickemias, Molivos en Petra. Alleen in de nacht bereiken de bootjes nog weleens het strand in het tussenliggende gebied.

Door Lette de Moor

Lesbos – De oversteek

Gister plaatsten wij een oproep voor lifeguards op de site. Vandaag het verhaal van schipper Wim. Hij was op Lesbos om vluchtelingen te begeleiden tijdens de gevaarlijke overtocht.
“De wind is zuid, aflandig vanaf de Turkse kust gezien. Met circa 4 uur zou men kunnen landen op de kust van Lesbos. De bootjes worden gevuld met vluchtelingen.
De smokkelaar wijst één iemand aan die de schipper is. Met een stoomcursus van 15 minuten wordt hij klaargemaakt voor de overtocht. Het is ondertussen na middernacht en de kleintjes rillen van de kou. Het maanlicht schittert bedrieglijk vriendelijk in de zee die voor hen is. Iedereen mag maximaal één rugzak meenemen. In veel gevallen vaart de smokkelaar het bootje uit de branding weg en springt dan zelf overboord, terug naar de Turkse kust. Hij wil immers nog heel veel vluchtelingen ‘helpen’.

Na een uur varen is de kust van Turkije nog slechts een silhouet, en krijgen de golven steeds meer hoogte. En dan opeens, vanuit het niets, schijnen er felle lichten op de boot. De Turkse kustwacht had hen met de nachtkijker aanzien komen en was zonder verlichting dichterbij gekomen. De angst slaat de vluchtelingen om het hart. Klopt het dan toch, dat ze teruggestuurd kunnen worden? Dat de hoge golven van de Turkse kustwacht vluchtelingen bootjes laat omslaan? Even snel als de Turkse kustwacht gekomen is, verdwijnt ze dit keer. De schrik zit erin en de onervaren schipper is zijn oriëntatie kwijtgeraakt. Er wordt heftig gediscussieerd over de nieuwe koers. Gelukkig gaan ze de goede kant op. Na nog een uur varen zijn ze ongeveer op de Turkse grens en de Griekse. Maar voor hun gevoel gaat de boot nauwelijks vooruit. De zee is zwart, voortdurend in beweging en op deze plaats meer dan honderd meter diep. Het water in de boot stijgt, tassen worden nat, de ouderen en de kinderen die midden in de boot zitten worden helemaal nat en koud. Het wordt steeds stiller in de boot, en steeds meer rillen de passagiers van angst en kou.

Door het ontbreken van enig verband in de lange rubberboot lukt het niet om recht te varen, als een soort slang zigzaggen ze op de golven. Ze koersen op het midden van het eiland Lesbos aan wat zich als een vaag contour langzaam zichtbaar maakt. Achter de bergen van het eiland begint het te lichten. Er komt weer enig zelfvertrouwen in degene die de boot bestuurd.
In de verte horen ze het grommen van een dieselmotor die zich in snel tempo hun richting op verplaatst. Een forse oranje boot komt recht op hen af varen. Drie mannen in gele pakken staan op deze boot. Aan de achterkant drie vlaggen die staan strak van de wind, een Griekse, een Nederlandse en een witte vlag met gekleurde handjes erop.
De oranje rescueboot komt naast hen varen.

Je ziet ze denken: Wat hebben deze mensen met ons voor? Angst is af te lezen op hun gezichten. Maar als de mannen dan een V-teken maken, vriendelijk lachen en ze in hun eigen Arabische en Engelse taal horen vragen of alles wel is, en hen verteld wordt dat ze in Europa zijn, veilig zijn, ontstaat er een vreugdevolle ontlading op de vluchtelingenboot.
De mannen van de rescue boot tellen de vluchtelingen in de boot, en geven duidelijk de richting aan die ze moeten varen. De kou, het zoute water en alle ontberingen worden even vergeten. Eindelijk geen levensbedreigende situatie, eindelijk een belangrijke stap verder in hun route.

De oranje rescueboot begeleid ze veilig naar het strand aan White Chapel, daar staan mensen in witte hesjes, met dezelfde gekleurde handjes als op de vlag van de reddingsboot. Ze worden veilig op het strand geholpen, ze krijgen emergency blankets bij onderkoeling, en de eerste medische check. En waar nodig krijgen ze een knuffel van de hulpverleners, in veel gevallen de eerste sinds maanden. Ondertussen komen de busjes aanrijden en binnen een half uur zitten de in een tentenkamp aan de Noordkust van Lesbos. Eindelijk eten, droge kleding, medicatie, iemand die ze in hun moedertaal aanspreekt. Eindelijk is er schoon sanitair, een douche en een plek waar ze warm en droog kunnen slapen. Even veiligheid, even rust. Europa is bereikt, op naar de volgende bestemming. Hoe lang zal het duren voordat deze mensen een leven kunnen opbouwen?

En ik?
Ik was één van die drie mannen in het gele pak.
Diverse malen heb ik de angst, de onzekerheid, de vraag in hun gekwetste ogen gezien. Diverse malen heb ik hun ontlading mogen meemaken. En mocht in een tiental dagen aan meer dan 200 mensen, groot en klein deze boodschap overdragen. De boodschap van vrede, veiligheid en vertrouwen. De boodschap van humaniteit, welkom zijn en compassie.
Daar ben ik dankbaar voor, daar ben ik trots op!”

Wil jij ook bij de reddingsmissie? Kijk dan hier!

Leros – Kamp Laki

Eelco Groeneveld heeft een sabbatical (half jaar) genomen om in Griekenland aan de slag te gaan voor Stichting Bootvluchteling:

“Ik ben als coördinator aangesteld op Leros. Ons team telt gemiddeld 32 vrijwilligers vanuit alle windstreken. Naast Stichting Bootvluchteling zijn namelijk ook een Oostenrijkse organisatie Echo 100Plus, de locale vrijwilligers van Leros Solidarity Network en de vrijwilligers van Shantel uit Engeland actief. De samenwerking tussen de vrijwilligers en de NGO’s loopt goed. Er heerst een goede sfeer onderling en in het kamp waar we actief zijn. Dat heeft een goede invloed op de vluchtelingen die hier verblijven. Alles verloopt gestructureerd, iedereen is vriendelijk en op zijn gemak. Overdag wordt gevoetbald, ’s avonds wordt gelachen en gedanst bij het kampvuur.

De vrijwilliger zijn in twee shifts tussen acht ’s ochtends en 11 uur ’s avond aanwezig in het kamp in de havenplaats Laki. Vluchtelingen worden door de Griekse kustwacht opgehaald van het eiland Farmakonisi, dat van het Griekse leger is en verboden terrein, en hier afgezet. Nadat alle nieuwkomers in het kamp zijn geregistreerd door Frontex krijgen zij van de UNHCR een plek in een van de tenten toegewezen. Gezinnen met jonge kinderen, zwangere vrouwen, ouderen en zieken worden door de vrijwilligers met het busje vervoerd naar Pikpa, een opvanghuis dat ook gerund wordt door vrijwilligers van ons team. Ook is er de villa, een plek waar alleen vrouwen en kinderen een rustig heenkomen kunnen vinden.

Onze vrijwilligers distribueren dagelijks drie maaltijden in het kamp en maken er de benodigde babyvoeding in de speciaal daarvoor ingerichte babyroom. Ook runnen zij de uitgiftepunten voor kleding en schoeisel die we hier boutiques noemen, een voor vrouwen/kinderen en een voor mannen. We onderhouden het kamp en helpen in de hulpgoederenopslag met sorteren. Ook is er tijd voor een praatje of een potje voetbal met de vluchtelingen.

Aan de overkant van de baai wordt de laatste hand gelegd aan een hotspot met een capaciteit van 1000 personen. Waarschijnlijk gaat die deze week open. Dat heeft hoogstwaarschijnlijk gevolgen voor het kamp waar wij tot nu toe actief zijn. Er is nog niet veel bekend maar het Griekse leger, dat het kamp gaat beheren, is aan het inventariseren wie er actief willen zijn in het kamp. Stichting Bootvluchteling wil hier graag deel van blijven uitmaken”.

Samos – aan de slag

Dinsdag 9 februari kwam ik aan op Samos. Het was mijn tweede keer in Griekenland voor Stichting Bootvluchteling en ik had veel zin om mijn handen weer uit de mouwen te steken om de vluchtelingen te ondersteunen waar ik kon. De twee coördinatoren en een andere vrijwilliger waren een dag eerder al gearriveerd.

Tijdens de eerste briefing werd duidelijk dat de situatie erg verschilde met de tijd in December, toen ik in Kos (waar stichting Bootvluchteling sinds januari niet meer werkzaam is) was. We moeten hier als stichting door een bureaucratisch oerwoud zien te komen om aan de slag te mogen. Gelukkig is de samenwerking met de UNHCR en de politie erg goed, evenals de samenwerking met de andere NGO’s hier op het eiland. De sfeer is super fijn. Alles is in gang gezet en we doen wat we kunnen. Afgelopen week zijn we bezig geweest met allerlei ideeën bedenken hoe we zo snel mogelijk kunnen voldoen aan de voorwaarden en toch in actie kunnen komen binnen de kaders die we hebben.

Daarnaast is Samos een rotsig eiland waar de meeste mensen aankomen op een plek die onbegaanbaar is per auto: het kost 2,5 uur om hier lopend te komen (als je de weg weet). In de tijd dat ik hier nu ben, heb ik veel tijd besteed aan het in kaart brengen van het gebied dat we per 4×4 verkennen. In samenwerking met een Zweeds reddingsteam zijn we aan het inventariseren waar de meeste vluchtelingen aankomen. We identificeren mogelijke landingsplaatsen en of deze bereikbaar zijn per busje, 4×4 jeep of boot. We hopen dat we met zo’n kaart de communicatie tussen de organisaties op het land en op het water kunnen verbeteren. Daardoor kunnen vluchtelingen sneller gevonden worden en de zorg ontvangen die zij nodig hebben.

Verder hebben we nu toestemming om de komende dagen een grote opruimactie van zwemvesten op te zetten in samenwerking met verschillende organisaties. Er blijven nu namelijk veel zwemvesten op gevaarlijke plekken liggen. Als vluchtelingen de zwemvesten zien liggen vanaf het water, denken zij juist dat dit een veilige plek is om te landen. Om deze cirkel te doorbreken moeten de zwemvesten verwijderd worden. Terwijl we in dit (voor vluchtelingen) gevaarlijke gebied zijn, zullen we proberen markeringen te maken zodat mensen die ’s nachts aankomen toch de weg weten te vinden.

Tenslotte hebben we ook officiële toestemming gekregen om ’s nachts te patrouilleren en vluchtelingen op te vangen als deze aankomen. We geven ze dan dekens en water.
Vanaf morgen gaan ook onze dokters aan de slag. Alle papieren zijn geregeld en ze kunnen nu de andere artsen ondersteunen of zelfstandig aan de slag gaan als er nood is.
De afgelopen week heb ik nog weinig contact gehad met vluchtelingen. We hebben een aantal keer het kamp bezocht, waar we met vluchtelingen konden praten. Zij stonden hier erg open voor en wilden graag hun verhalen vertellen. ’s Nachts hebben we tot nu toe nog geen mensen gevonden. Toch ben ik heel blij dat ik hier ben. We doen ontzettend waardevol werk. We hebben in een week al heel veel bereikt en dat geeft energie. Binnen de kaders die we hebben zijn we keihard aan het werk om vluchtelingen te helpen en ervoor te zorgen dat ze veilig Europa binnen komen. Er is nog veel onzeker en we weten per dag beter wat we wel en niet kunnen doen.

Tegelijkertijd, de informatie die we nu hebben kan volgende week weer helemaal anders zijn in deze steeds veranderende situatie. We zetten alles op alles om de vluchtelingen te blijven ondersteunen waar we kunnen met respect voor het eiland en haar bewoners, waar we te gast zijn.

Door Pim Seuren

LESBOS – Doop tweede reddingsboot

Met prachtig en zonnig weer en in het bijzijn van alle vrijwilligers van Stichting Bootvluchteling is afgelopen donderdag onze tweede reddingsboot “Charlie” in de haven van Molivos gedoopt. SAR coördinator Jaime gaf een speech en Lesbos coördinator Manon verrichtte de doop. Niet met champagne, maar op z’n Grieks met ouzo.

Het is belangrijk dat de tweede boot er is, zodat vluchtelingen veilig aan wal gebracht worden. De oversteek per boot blijft een gevaarlijke onderneming, met name in winters weer.

Lesbos – Nacht bij het vuurhuisje

Onze vrijwilliger Marije Berkelaar draait als arts mee in het medische team op Lesbos. Tijdens een nachtelijke shift, bivakkeert ze met een clubje vrijwilligers in een tentje vlakbij een ver afgelegen gevaarlijk rotsstrand waar regelmatig vluchtelingenbootjes stranden. Het is ijskoud, de temperatuur daalt onder het vriespunt. Het dichtstbijzijnde bergdorpje ligt op 40 minuten rijden. Voorzieningen zijn er niet op dit stukje strand. De vuurtoren en twee kleine stenen gebouwtjes met golfplatendak vormen het decor van deze miserabele nachtshift.

“Tussen mijn shifts door kan ik even slapen, maar ik word al snel gewekt door geschreeuw. Ik zet mijn bril en hoofdlamp op en ben in no time buiten. Ik ren naar de rotsafgrond en zie in het donker een klein bootje op beach 2, een gevaarlijk stuk met rotsen. De boot is afgeladen met mensen die schreeuwen en krijsen en ik hoor bij elke golf het geluid van breken. Er springen mensen uit de boot in het ijskoude water. Ik bereid me voor op het ergste…”.

Het strand is te bereiken via een vijf meter hoge geimproviseerde trap die gemaakt is in de rotsen. Het ligt er bezaaid met kapotte boten, reddingsvesten, schoenen en sokken. Vrijwilligers met wetsuits gaan het water in om de mensen over de rotsen naar de kant te helpen. Marije loopt naar twee kleine kindjes die hysterisch aan het huilen zijn. “Ze staan te bibberen van kou en angst. Zo rustig mogelijk lach ik naar ze en sla een arm om hen heen. De moeder staat iets verderop. Hun vader rent heen en weer door het water om andere mensen te helpen. Ik vraag het gezin mee te gaan naar boven, maar de vader wijst naar een oude vrouw in rolstoel. Het is zijn moeder en hij blijft bij haar, ze komen later. De moeder en kinderen gaan met me mee. Ik verlicht het trappetje met mijn schijnwerper en we klimmen omhoog. Ik zet ze neer in een van de gebouwtjes waar inmiddels een vuurtje brandt en wat warmte is. Daarna ren ik zo snel mogelijk terug om ook andere gezinnen te halen naar dit iets warmere plekje.”

Van een andere vrijwilliger krijgt Marije een doos emergency blankets, reddingsdekens, aangereikt. “Ik klim ermee naar het vuurhuisje en begin ze bij de kinderen om te doen. Ik tref de moeder met de twee kindjes die ik als eerste naar boven bracht. Het kleine jochie ligt bij haar op schoot en als ik zie dat zij hem borstvoeding aan het geven is, begin ik bijna te huilen van ontroering. Ik geef de moeder een kus op haar hoofd en fluister “You are a great mom!”.

Het kleine vuurhuisje is inmiddels helemaal vol mensen. Paniek begint langzaam plaats te maken voor dankbaarheid, ontroering en wat rust. Iedereen heeft het gehaald en is veilig. In deze setting wordt des te meer duidelijk hoeveel leed er al is geleden. Een jongeman van rond de twintig zit blootvoets op de grond, zijn voetzolen bedekt met bloedblaren. Hij blijkt acht uur op blote voeten door Turkije te hebben gelopen terwijl het vroor.

Een klein jongetje van rond de drie jaar zit bij zijn vader hartverscheurend te huilen. Marije: “Ik pak hem over en hoor van Abdullah, een Engelssprekende man, dat het kind ‘very sick’ is. Zijn vader laat me de billen van het kind zien. Ik zie in het schijnsel van een bouwlamp dat ze bedekt zijn met gazen die doordrenkt zijn met vocht en een rode huid daar omheen. Ik beloof dat we dit later zullen behandelen, maar dat we hem eerst warm moeten houden. Natuurlijk vraag ik me af hoe hij aan zulke verbrande billen komt. Abdullah vertelt dat het jochie in Turkije hard moest huilen omdat hij het zo koud had. Een politieagent zette hem vervolgens met zijn achterwerk op een gloeiend hete motorkap. Ik voel enorm verdriet en boosheid over deze situatie. Hoe verschrikkelijk is de wereld voor deze kleine jongen, hoe kan hij ooit nog iemand vertrouwen als hij littekens op zijn billen heeft die hem levenslang herinneren aan deze afschuwelijke vlucht. Hoe verschrikkelijk moet het zijn om deze vlucht voort te zetten als je zulke wonden op je billen hebt!”

Het is nu wachten op een auto die de ergst gewonden mee kan namen. Gelukkig komen er meerder auto’s, niemand hoeft te lopen. “We zwaaien ze uit en blijven onthutst, ontroerd, opgelucht en ook een beetje trots achter. Iedereen heeft het gehaald!” besluit Marije.