Een avond in kamp Moria

Ik vraag wat we voor de jonge man kunnen doen terwijl hij de medische cabine binnenstapt. Hij stroopt zijn mouw op en laat zijn wond met oude hechtingen zien. Terwijl hij over de wond praat valt me op dat zijn hele arm onder de krassen zit en ook in zijn nek zijn meerdere littekens zichtbaar. Terwijl ik vraag hoe hij hieraan komt, haalt hij een beetje gelaten zijn schouders op, maar zegt dan uiteindelijk dat hij zichzelf snijdt. De wond is al een paar dagen oud en ziet er gehavend uit. Samen halen we de hechtingen er uit en ik verbind de wond opnieuw. Uit zichzelf begin hij onze vertaler te vertellen waarom hij zichzelf snijdt. Zijn vrouw is in Duitsland en hij zit hier, vast op een eiland en hij mist haar. Hij is gefrustreerd, verdrietig en voelt zich machteloos wat zich uit in automutilatie.

Het lucht hem op er openlijk over te kunnen praten en even zijn frustratie en verdriet te kunnen uitspreken. Een pijnlijk besef bekruipt mij, wetend dat dit een korte opluchting is. Morgen staat hij nog steeds in dezelfde situatie, met dezelfde problemen. Hij is een paar keer bij de psycholoog geweest, maar het helpt hem, naar eigen zeggen, niet genoeg. Het vangnet voor de mentale problematiek is te klein voor de populatie. Vandaag heeft hij gebeld met zijn vrouw en dat heeft hem iets opgefleurd. Hij bedankt ons voor het gesprek en de behandeling en we geven aan dat als hij langs wil komen voor een praatje, hij altijd welkom is.

Soms voelt het alsof we zo weinig kunnen doen, maar ik besef me dat we met zoiets kleins toch zoiets groots kunnen betekenen voor hem. Het maakt die dag het verschil voor hem. Helaas zien en horen we deze problemen nog steeds dagelijks. Paniekaanvallen, suïcide, depressiviteit… mensen zijn moe van het wachten, de uitzichtloosheid en de slechte situatie. Dit breekt hen mentaal. Het koude weer op dit moment helpt zeker niet mee. Er zijn geen kachels en duizenden mensen brengen elke nacht door in een ijskoude tent, proberend zich warm te houden met wat dekens.
En dit dan dag in, dag uit… het zou voor iedereen een geestelijke zware strijd zijn.

Tekst: Trijntje Tolhuizen (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)
Foto: Marjan van der Meer

Donkere natte tenten en onrust

Tijdens het verwijderen van de hechtingen uit z’n hoofd voel ik de rillingen over m’n lijf lopen. Hij vertelt zijn verhaal. Een Griekse oudere man bekogelde hem met stenen terwijl hij met zijn achtjarige zoontje met een groepje lotgenoten van het kamp naar Samos stad liep. Eén van deze stenen veroorzaakte dit, nu geheelde, gat. Deze man durft niet meer naar buiten. Bang dat hij opnieuw wordt aangevallen en zijn zoon een traumatische ervaring rijker wordt. Samen hebben ze een oorlogsgebied verlaten en huis en haard achtergelaten in de hoop veilig te zijn. Dat is echter geen garantie. De spanning is hoog onder de bevolking van dit eiland maar ook binnen het kamp. Mensen verblijven er vaak maanden en de situatie lijkt uitzichtloos, voor de vluchtelingen en voor de lokale bevolking.

Ondertussen ziet Dr. Vanessa een moeder met haar kind achterin de medische post op de brancard. Op die plek is uitgebreider lichamelijk onderzoek mogelijk. Soms geeft dat een verschuiving van de patiënten binnen de ruimte die optimaal benut wordt met medische hulpmiddelen, verbandmiddelen, medicatie en vloeistoffen. Dr. Ana-Luisa is positief naar een kindje op haar geheel eigen wijze en enthousiaste manier.

Alle drie zijn we hard aan het werk. Twee artsen en één verpleegkundige die de cabin delen. Het is druk. Omdat Engels weinig gesproken en slecht verstaan wordt, hebben we vertalers nodig. De paar vierkante meters zijn snel gevuld. Per dienst zien we zo’n 40 tot 50 volwassenen en kinderen. Het is druk. Dat komt tevens door de overmatige hoeveelheid mensen die er wonen en het feit dat Stichting Bootvluchteling het enige medisch team is momenteel. Het andere team staakt. Daar waar plek is voor 650 man zijn nu 2200 tot 2400 mensen ondergebracht in cabins en tenten.

De kou slaat toe. Regenval zorgt voor onrust. Alles is nat, want niet alle tenten zijn waterdicht en worden overhangen met speciale plastic doeken. Bij aanvang van de volgende dienst hangen de dekens, kleding en jassen te drogen in een ijzige wind met een stralende zon, die zich gelukkig vandaag al vroeg liet zien. Want dat maakt de omstandigheden een fractie minder ellendig, in de hoop dat alles droogt voor een nieuwe koude avond die overgaat in een donkere onrustige nacht. Een nacht waarin het licht nooit uitgaat… Het vluchtelingenkamp op Samos.

Tekst: Annelies van der Gaag (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)

Hij neemt prachtige photo’s

A. is een Koerdische fotograaf die wacht op het volgende stadium van zijn leven; net als verder iedereen hier in het vluchtelingenkamp. ISIS probeerde hem twee keer te recruteren en hij bleef veranderen van adres. Bij een ontsnappingspoging brak hij zijn arm, vertelt hij me en laat zijn litteken zien. Hij neemt prachtige foto’s maar was gedwongen zijn camera van topkwaliteit in Koerdistan achter te laten. Voor nu gebruikt hij zijn iPhone om foto’s te maken van de kustlijn, zoals de onderstaande, of van bussen die worden volgeladen of leegstromen, of van de wegen buiten Kara Tepe waar zijn gezin woont, of een slak op een steen, terwijl licht als vurige vlammen rondom de schelp dansen. Hij gebruikt zijn telefoon als zijn artistieke uitlaatklep en ook als connectie met vrienden thuis in Irak, met wie hij dagelijks sms’t. Hij zegt dat hij ooit weer een bedrijf als fotograaf wil hebben.

Verhalen van Samos (6/6), situaties die alleen maar nijpender worden

Nu het kamp meer dan drie keer de bevolking heeft dan waar het voor bedoeld was, zijn zorgen zoals riolering, landverschuivingen en blootstelling aan asbest onderwerpen van gesprek tijdens medische vergaderingen. Situaties die alleen maar nijpender worden met het verslechteren van het weer. Dit heeft ook het soort dienstverlening dat de kampbewoners nodig hebben veranderd – ik heb het al vaker gezegd, maar onderwijs is zo’n essentieel onderdeel dat op dit moment mist in het kamp. Medische behoeften zoals het monitoren van de groei van zuigelingen en kinderen, begeleiding bij borstvoeding, prenatale zorg en het managen van chronische aandoeningen, vereisen nu meer aandacht. Wederom, dit is niet waar het kamp voor bedoeld was.

Deze verhalen zijn verdrietig en dat is de aard van het kamp. De enige zekerheid hier is de mogelijkheid dat de situatie kan veranderen. Laten we hopen dat de trillingen die we tot nu toe hebben gevoeld niet doorgroeien tot aardbevingen van grotere omvang.

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)

Verhalen van Samos (5/6), het kookpunt lijkt bereikt

De stad wordt ook grimmiger. Ondanks dat Samos een ruimdenkend eiland is en haar mensen een gastvrije aard hebben, voelt het kleine stadje zich overweldigd en angstig door de meer dan 2000 nieuwe (tijdelijke?) bewoners. Daarnaast voelen zij zich oneerlijk behandeld door de EU. Er zijn antivluchtelingen demonstraties, bedrijven en lege hotels willen geen kwetsbare groepen opnemen of ruimtes voor gebruik door vluchtelingen verhuren. Ik moest een jonge man oplappen die in Pakistan werd vervolgd omdat hij christen is, in de gevangenis van Samos door andere vluchtelingen werd aangevallen omdat hij christen is en nu in elkaar geslagen was door een groep jonge Griekse mannen die hem hadden gevolgd uit de stad, ervan overtuigd dat hij moslim was.

De situatie lijkt een kookpunt te bereiken, de lokale bevolking wil een oplossing. Een aantal stelt een avondklok voor, ’s avonds opgelegd aan het kamp, met een aan- en afmeldprocedure. Dit is iets wat mijn organisatie niet kan ondersteunen, omdat het een reëel veiligheidsrisico met zich meebrengt in het geval dat een massale ontruiming nodig zou zijn. De situatie hier is voor geen enkel lid van de samenleving ideaal. De EU-Turkije deal heeft het registratieproces gecompliceerd, waardoor mensen niet gemakkelijk van het eiland naar het vasteland van Griekenland verplaatst kunnen worden. Dit heeft ertoe geleid dat het kamp van een doorgaande route veranderd is in een meer permanente verblijfsplaats, iets waarvoor het niet de faciliteiten of het mandaat heeft.

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)
Foto: Marjan van der Meer

Verhalen van Samos (4/6), trauma, uitgeput en psychische problemen

Een aantal gevallen die we vanuit medisch perspectief hebben gezien zijn in mijn hoofd blijven hangen, dus ik zal er een paar delen:

Het 15-jarige meisje dat twee maanden met buikpijn rondliep, nadat ze in Syrië ontvoerd was en gedwongen medicijnen moest slikken, wat resulteerde in een miskraam van haar 8 weken oude ongeboren kind.

Het trauma van de vrouw die net op het eiland was aangekomen vanuit Turkije. Zij had gezien dat twee jongens verdronken toen ze naar de kust zwommen, nadat zij 12 uur met elkaar op een te kleine boot hadden gezeten.

Uitgeputte ouders met geen mogelijkheid om zich even te onttrekken van hun kinderen – zonder school of gestructureerd onderwijs in het kamp. Met als enige onderbreking de activiteiten die door vrijwilligers worden aangeboden, in een beperkt beschikbare ruimte. Met het begin van koudere dagen zullen ook nog eens de buitenactiviteiten afnemen.

Een familie betrokken bij een bomexplosie een jaar geleden. Het jongste kind onvast op zijn voeten, niet in staat om goed te horen en worstelend om naar behoren met andere kinderen om te gaan. De vader met chronische, aanhoudende pijn van een kogelwond aan zijn linkerlies als gevolg van een overhaaste spoedoperatie, waardoor hij nu kreupel is en in chronische pijn verkeert.

De vele jonge mannen met psychologische problemen die we zien, angstig en gekweld, niet in staat om te vluchten voor hun verwarring en de gedachten in hun hoofd. Velen nemen hun toevlucht tot zelfverminking en zijn verslaafd aan drugs uit Turkije, een probleem waar we vaak de gevolgen van zien.

Bijna 50% van het kamp bestaat uit vrouwen en kinderen. Na tien uur ’s avonds lopen zij niet rond in het kamp, omdat er ‘slechte mensen zijn’. Onze vertalers waarschuwen ons voor onruststokers. Bepaalde groepen worden door het leger ingezet om de menigte in bedwang te houden, omdat ze onderbemand zijn. Mensen klagen dat het toezicht bij de voedselrijen betekent dat sommige groepen meer voorraden krijgen.

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)
Foto: Marjan van der Meer

Verhalen van Samos (3/6), opstootje door frustratie

Een andere abnormale dag was de dag dat het begon te regenen afgelopen week. Een onweersbui aan het eind van onze dienst zorgde ervoor dat spanningen toenamen en frustraties een hoogtepunt bereikten, wat zich uitte in het uitbreken van rellen en ons dwong om te evacueren. In de praktijk betekende dit, dat we in de stortregen door een gat in het hek achter de cabine klauterden, geholpen door het schijnsel van onze hoofdlampen en telefoons. Totdat we ons realiseerden dat deze route direct naar het middelpunt van de rellen leidde en we dus omkeerden en beschutting zochten in het kamp bij de politie. Deze opstoot werd door een klein groepje individuen veroorzaakt. Helaas lieten zij in de tocht naar de stad die daarop volgde, verwoestingen achter die alle bewoners van het kamp een slechte naam hebben gegeven op het eiland.

Terwijl we wachtten in het politiegedeelte totdat de rust was weergekeerd in het kamp, was er een hartverscheurend moment waarin we getuige waren van de wanhoop van een man met een jonge familie en een baby, wiens tent compleet was weggespoeld door de regen. Om deze man te zien door het prikkeldraad, wanhopig over zijn situatie en boos op de hele wereld, terwijl we niets voor hem konden doen, was uitermate wrang. Gelukkig verdwenen de spanningen vrij snel daarna. Vrijwilligers verzamelden zich om noodopvang en dekens te bieden aan hen die dit het meest nodig hadden.

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)

Verhalen van Samos (2/6), We zijn hier zo nodig

Er zijn ook een paar abnormale dagen geweest de afgelopen week. Ons kleine team heeft dubbele diensten gedraaid omdat de Griekse organisatie MedIn, een organisatie die te veel werk en verantwoordelijkheid hebben aangenomen met ontoereikend personeel, staakte. Ze hebben al vier maanden geen loon ontvangen. Deze medische organisatie is in dienst van de Griekse overheid om 24/7 medische zorg te verlenen in het kamp. De organisatie bestaat uit vijf dokters en een aantal verpleegkundigen, die niet aan deze beloften hebben kunnen voldoen. Een paar maanden geleden leek het erop alsof de medische rol van Stichting Bootvluchteling niet meer nodig was door deze organisatie, maar deze week waren we de enige zorgverlener en we verafschuwen de gedachte hoe de situatie eruit zou zien als we hier niet zouden zijn. We treden op als aanvullende medische dienst, maar het is glashelder dat onze aanwezigheid cruciaal is en dat de dienst die werkt in opdracht van de Griekse overheid het hoofd niet kan bieden aan de werkdruk en de aantallen patiënten die gezien moeten worden.

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)
Foto: Stichting Bootvluchteling

Verhalen van Samos (1/6), vijftig patienten in vijf uur

Het team van Stichting Bootvluchteling arriveert gezamenlijk in het kamp. We worden begroet door een wirwar van 2 meter hoog, koud staal, bekroond door een rol van scherp prikkeldraad. Dit wordt begeleid door kleurrijke schilderingen op betonnen muren. De volgende aanslag op onze zintuigen zijn de ‘hello’, ‘hello my friend’, ‘how are you’ en knuffels en zoenen van een stuk of tien gehavende, verweerde kinderen die ons rooster kennen en deze begroetingen als een onderdeel van hun bleke, saaie dagen hebben gemaakt. Van sommige van deze kinderen heb ik de vooruitgang van hun Engels gezien tijdens de paar weken dat ik hier ben en ik vraag me af wat zij zouden kunnen bereiken als ze lessen en een kans op onderwijs zouden krijgen. Afhankelijk van waar we onze auto’s parkeren, wat weer afhangt van welke nieuwe beperkingen aan ons worden opgelegd door de politie, sjokken we op sommige dagen over het steile, betonnen pad, terwijl we begroetingen uitwisselen met hen die we hebben leren kennen en onze vrienden noemen. Ondertussen geholpen door vriendelijke, blauwogige Syrische meisjes die mijn hand vasthouden en helpen met de tassen en dozen gevuld met medische goederen en luiers.

Nadat we aangemeld zijn en badges en hesjes van Stichting Bootvluchting aan hebben gedaan, installeren we ons in onze medische cabine. Door extreem gebrek aan ruimte, zowel voor de nieuw aangekomen vluchtelingen als de organisaties, verplaatsen we elke dag zo’n twintig dozen die samen de ‘melkkamer’ vormen, naar de kantoorruimte van de UNHCR, die zo vriendelijk is ons die daarvoor te laten gebruiken. Tegen de tijd dat we klaar zijn om patiënten te zien heeft zich buiten de deur een rij gevormd en storten we ons in de chaos. Veertig tot vijftig patiënten en vijf uur later zijn we kapot. Onze ruimte van negen vierkante meter is normaal gesproken altijd vol: families die een behandeling voor luizen nodig hebben; zieke baby’s met diarree, spugend, vergezeld door hun bezorgde moeders, slapelozen niet in staat om het trauma van hun reis te verwerken.

De andere leden van ons team bemensen de ‘melkkamer’ – zuigelingenvoeding, pap, sap en hygiëneproducten worden uitgedeeld volgens de WHO IYCF richtlijnen (een internationale code voor voeding van zuigelingen en kleine kinderen), met gebruik van een streng monitoringssysteem. Ze verzorgen ook de chai – een warme mok troost voor velen tijdens koude avonden. Er worden ook activiteiten voor kinderen gepland om zo ouders een adempauze te geven en een soort van normale situatie te simuleren.

Dit is een normale dag…

Tekst: Vanessa Yarwood (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)
Foto: Annelies van der Gaag (vrijwilliger Stichting Bootvluchteling)

Medische unit zwaar beschadigd

Veel bewoners van kamp Moria worden geëvacueerd en ons team werkt met man en macht om de boel op te ruimen. Onze medische unit is helaas zwaar beschadigd en spullen en apparatuur onbruikbaar geworden.

We hopen dat dit een teken is aan de politiek dat dit zo niet langer kan. Dat deze mensen hier weg moeten. Ze hebben onderdak, veiligheid en warmte nodig.

Tot die tijd staan wij voor ze klaar!
Helpt u ons mee weer op te bouwen?
www.bootvluchteling.nl/doneer/ of maak uw bijdrage over op NL97 RBRB 0918 9326 37 t.a.v. Stichting Bootvluchteling