De Toekomst

Eén van de redenen waarom ik me opgaf als vrijwilliger bij Stichting Bootvluchteling is omdat ik wilde helpen. Net als vele anderen had ik op het nieuws gehoord van de narigheid en ik wilde helpen. Maar naast helpen wilde ik het ook begrijpen. Begrijpen wat de problemen zijn en wat we er aan kunnen doen. Na twee weken op Lesbos denk ik dat ik beter begrijp wat er aan de hand is, maar meer dan ooit ben ik verward en heb ik tegengestelde ideeën over wat er hierna gaat gebeuren.

Stichting Bootvluchteling geeft ‘cultural awareness’ sessies voor alle vrijwilligers. Ik was hier dankbaar voor. Ik had eigenlijk een beter idee moeten hebben van Soennieten en Sjiieten voordat ik hierheen vertrok, maar dat leek wat ingewikkeld. Dat is het ook. Syrië is ingewikkeld. Afghanistan is erg ingewikkeld en dan hebben we nog niet eens gehad over de problemen in Irak, Iran, Marokko, Eritrea, Congo, Algerije, Senegal, Mali, Kameroen, Oeganda en al die andere nationaliteiten die eindigen in Moria.

Eén van de mensen die ik ontmoette is uit zijn land gevlucht voor de Taliban. Het was er eenvoudigweg niet meer veilig voor hem en hij moest vluchten. Hij heeft tijd doorgebracht in een Turkse cel. Hij heeft een smokkelaar betaald en de kans gewaagd, in een gevaarlijk klein bootje, om veilig te kunnen zijn in Europa. Hij heeft mazzel. Hij is ontsnapt aan de Taliban, hij heeft de boot overleefd. Hij is in een vluchtelingenkamp in Europa.

Hij voelt zich geen mazzelaar. Hij is hier nu elf maanden. Hij vertelt me dat het voelt alsof hij een jaar van zijn leven verspild heeft. Hij heeft geen idee wanneer zijn asielaanvraag in procedure wordt genomen. De Immigration ACT zegt dat een asielaanvraag binnen zes maanden in behandeling moet worden genomen. Dat gebeurt niet. Hij heeft geen vertrouwen in de procedure, maar hij kan er niet onderuit. Hij hoopt dat hij asiel krijgt in Griekenland. Zijn vrienden in Athene vertellen hem dat de condities daar slecht zijn. Zijn hoop is dat hij eenmaal op het vasteland de grens over kan vluchten op zoek naar een leven en een baan op het vasteland van Europa.
Ik vroeg hem of het niet beter zou zijn om in Athene te wachten op een legale manier om op Europees vasteland te komen. ‘Dat gaat nooit gebeuren,’ lacht hij smalend. Ik denk dat hij gelijk heeft.

We vergelijken Facebook pagina’s. De mijne staat vol met foto’s van Engelse bruiloften, gepraat over Brexit en filmpjes van katten die omvallen. De zijne staat vol met foto’s van Arabische bruiloften, gepraat over aanvallen van de Taliban en filmpjes van katten die omvallen. Ik vermoed dat ik geen idee heb hoe vaak de Taliban aanvalt. Ik vermoed ook dat hij geen idee hoe gastvrij de Europeanen zullen zijn.

Ik ben er niet zeker van dat ik weet wat ‘populisme’ precies inhoudt. Ik denk dat het iets te maken heeft met strengere immigratie regels en het terugdringen van illegale immigratie. Ik denk dat dat geen goed nieuws is voor de mannen van Moria. Ik weet niet goed hoe ik mijn nieuwe vluchtelingenvrienden kan uitleggen dat er in Europa steeds meer vijandigheid ontstaat ten opzichte van vluchtelingen en dat het zeer waarschijnlijk is dat ze mensen zullen tegenkomen die hen zien als criminelen en terroristen. Ik gok dat dit desondanks te verkiezen valt boven de Taliban.

Ik heb een paar dingen geleerd terwijl ik op Lesbos was met Stichting Bootvluchteling:
1. Er is verschil tussen vluchtelingen die asiel zoeken en economische migratie.
2. Het is soms lastig om dat verschil te bepalen.
3. Het probleem zal niet verdwijnen.
Globaal genomen zijn er ongeveer 1,2 miljoen vluchtelingen. 3000 van hen (90% mannen) zijn in Moria. Bijna allemaal hebben ze een telefoon en Facebook en ze weten hoe het leven is in landen als Turkije, Griekenland, Afghanistan, Nederland en Groot-Brittannië.

De autoriteiten in Moria (UNHCR) hebben een lastige taak. Ik ben geen expert, maar het lijkt erop dat ze belast zijn met:
1. Moria een veilige, warme en gezonde omgeving te laten zijn voor 3000 jonge alleenstaande mannen.
2. Het snel in behandeling nemen van duizenden asielaanvragen (in zes maanden of minder), maar langzaam (zo lang als mogelijk) omdat de mensen eigenlijk nergens ander heen kunnen. (In Groot-Brittannië noemen we die Exit-Block)
3. Zorgen dat Moria een net genoeg verrotte plek is, zodat mensen liever in een Turkse cel zitten dan hier.

Wat kan ik doen:
Ik heb geen idee. Ik heb een overweldigende sympathie voor mijn nieuw gevonden vrienden uit het Midden Oosten, maar ik snap ook dat Europa onmogelijk 1,2 miljoen vluchtelingen aankan. Ik heb echt geen idee.

Wat ik wel weet is dat Stichting Bootvluchteling basale medische zorg geeft aan een klein aantal van hen. Ze zorgen ook voor psychologische steun voor de beschadigde en kwetsbare personen. Stilletjes ben ik trots dat ik daarvan een klein onderdeel mocht zijn. Ik hoop dat jij er ook een onderdeel van wilt zijn. Als een donateur, een vrijwilliger of eenvoudig als iemand die hen hierbij alle goeds wenst.
Voor mij zit de tijd erop en kan ik teruggaan naar mijn familie. Voor de vluchtelingen blijft het wachten voortduren.

Tekst: Dave Clarke
Foto: Bas Bakkenes