Mensheid: wat zijn de waarde en de waardigheid van een mensenleven? (Deel 2/2)

Ik heb het idee dat wanneer je in een bootje stapt en je reis voortzet naar Griekenland er een stukje menselijkheid van je af wordt genomen en je een stap verder bent van het behoren tot de mensheid. Mede hierom is het werk wat de vele handen van vele organisaties in het kamp doen zo belangrijk. We doen dit niet alleen om de situatie in het kamp dragelijk en leefbaar te maken. We doen dit ook om een boodschap naar de wereld te sturen. Konden onze handen deze wereld maar even door elkaar schudden; haar wakker maken. Konden onze monden maar tegen iedereen zeggen: hé, er zijn zoveel mensen die in een situatie wonen die zoveel menselijker zou kunnen zijn. Óók wij handelen in naam van de mensheid en elke dag zetten we ons in voor de mensen die door de boottocht tijdelijk buiten de grenzen van burgerschap zijn komen te vallen en zich bevinden in een positie waarin zij, zoals filosoof Hannah het verwoord, slechts mens zijn.

De vraag waarmee ik begonnen ben – wat zijn de waarde en de waardigheid van een mensenleven- kan ik niet beantwoorden. Wel kan ik schrijven dat ik het ontzettend belangrijk vind dat al deze handen in het kamp blijven doen wat ze aan het doen zijn. Dat we allemaal blijven doorwerken om de bewoners van het kamp te blijven erkennen als volledige mensen, behorend tot dat prachtige universele concept genaamd mensheid. Het zijn deze handen -die door hun werk het leven in het kamp zo draaglijk mogelijk maken – die de vraag beantwoorden door de waarde en waardigheid van een mensenleven proberen vorm te geven en die hard werken om ook de praktijk van het concept mensheid zo universeel mogelijk proberen te maken. Het zijn juist de kopjes thee die we geven, de boiler suits die we uitdelen, de doktoren die tijd nemen voor de zieke kampbewoners, de kinderactiviteiten die we dagelijks doen, de lessen die we verzorgen in de shelter voor minderjarigen, de gesprekken die we voeren, die allen vanuit ons als een boodschap dienen en worden uitgevoerd om het concept mensheid daadwerkelijk wat universeler te maken.

Tekst: Rozemijn Aalpoel
Hannah Arend 1951 The Origins of Totalitarianism. New York: Meridian
Foto: Bas Bakkenes