Samos – Een voorzichtige glimlach verschijnt op zijn gezicht

“Met een klap raakte het vliegtuig de stoffige grond, waarmee voor mij twee weken dokteren op Samos begon. Dezelfde avond maakte ik tijdens mijn eerste dienst kennis met een overvloed aan mensen met kleine klachten zoals hoofdpijn, keelpijn, wondjes en kneuzingen. Maar ook grotere problemen zoals terugkerende paniekaanvallen en weglatingen en mensen met chronische ziekten. Gelukkig zijn we hier voorzien van een kleine, hete, maar met medicijnen overladen container voor de acute medische zorg.

Die nacht was er een groot gevecht. De volgende ochtend betreed ik onzeker het detentiecentrum en proef een grimmige sfeer. Mohammed die gisteren vrolijk om me heen huppelde en me enthousiast leerde om in het Arabisch te tellen, komt met opgetrokken schouders en een terneergeslagen blik binnen. Ik verzorg een schram op zijn arm. Als ik vraag hoe het met hem gaat, zegt hij ‘not good, there was a fight’. Hij pakt met beide handen zijn hoofd en steunt met zijn ellebogen op zijn knieën en zegt verder niets meer. Ik maak me zorgen: waar zijn z’n ouders? Wat heeft hij vannacht meegemaakt en wat draagt hij al met zich mee?

Later kom ik hem weer tegen en laat hij ons trots de container zien waarin hij slaapt. Acht slaapplekken op 12m2, het toilet is nog niet aangesloten en ik bemerk dezelfde hitte als in onze container. Het kamp is bedoeld voor 250 mensen en er zijn er bijna 1000. Even later komt z’n moeder aan lopen en hij duikt in haar armen. Ze vertelt dat ze zijn gevlucht uit Aleppo en dat haar man is omgekomen. Ze heeft niets om naar terug te keren en verder gaan lijkt voorlopig onmogelijk. Ik slik en weet niet veel anders te doen dan hen uit te nodigen bij de post. Na een uur zie ik de moeder een kopje ‘chai’ drinken en Mohammed kijkt mee met een spel boter, kaas en eieren. Er verschijnt voorzichtig weer een glimlach op zijn gezicht.

De uitzichtloosheid, frustratie over het zeer trage proces, de onveiligheid, het gebrek aan iets te doen of educatie zijn overweldigend. Het is onmogelijk dit te veranderen. We zijn blij om met kleine dingen, zoals de populaire uitgifte van thee, medische hulp, baby’s voorzien van pap en melk, een borstvoedingsplek en Engelse lessen, het grote leed iets te kunnen verlichten.”

Foto en verhaal: Annemarie (vrijwilliger voor Stichting Bootvluchteling)